Een gemiddeld mens heeft het nodig om een beetje orde te scheppen in alle prikkels die op ons af komen. Vaak verdelen we het aanbod voor het gemak in tweeën.

Links Rechts
Slecht Goed
Koud Warm
Laag Hoog
Langzaam Snel
Laatste Eerste
Verliezen Winnen

We maken een stelling en een tegenstelling en deze proberen we vervolgens op te lossen met een synthese of compromis. Misschien is die dialectiek wel het best haalbare systeem dat onze hersenen aan kunnen. De wat slimmere mensen kunnen daar bovenop sub-ordes aanbrengen de zogenaamde nuances. Dat levert interessante gesprekken, boeken, samenvattingen, kranten, documentaires, onderzoeken en kunst op. We lossen niets op, dat kunnen we niet, maar het is de eerste primitieve manier om orde te kunnen brengen in ons brein, niet in de wereld als zodanig. Onze bedachte orde is werkbaar maar niet ultiem kloppend en kan verschillen van mens tot mens.

Natuurlijk zijn er ook mensen en duivelsdictators, die om het gelijk, macht of geld, uit willen maken wat waar is en wat niet. Ze lopen op een hoge wand, die boven alles uitstijgt en als er veel support en aanhangers komen kan zo’n wand behoorlijk lang overeind blijven staan. Ze geloven in aanzien, vernedering van de opponent, uitsluiting, duidelijkheid, regels, eigen gelijk, voortrekkersrol, en navolging.

De duivelswaarheid wordt gebroken door een warme traan van de betrokken mens, vaak jong, vaak kinderen nog. Deze zien dat er iets niet klopt. Deze stamelen en stotteren misschien of spreken met een zwaar accent, maar ze weten net dat stukje te onthullen dat we zelf niet gezien hebben. En dan realiseert menigeen dat de waarde van alles niet gekend wordt door zelf goed na te denken. Ieder van ons ziet slechts, die delen, waar onze persoonlijke zintuigen en brein voor zijn uitgerust. Daarom hebben we elkaar nodig.

Alle oordelen zijn eerst vooral persoonlijk, sommigen gestuurd door louter overleving- en voortplantingsstrategie. Hoe komen we dan tot de gedeelde waarde beoordeling van alles waarmee we leven? Het is een verfijnd systeem dat slechts kan bestaan door interactie. Veel gedeelde oordelen zijn niet meer ‘waar’ dan mogelijk andere oordelen. Ze worden afgesproken, afgedwongen of bevochten. Ze worden gevoed door verhalen, dogma’s en religies. Op zijn best zijn we in staat een tijdelijke orde aan te brengen, een hiërarchie, een volgorde van belangrijkheid. Dat hebben we nodig. Dat doen we op persoonlijk niveau en dat doen we collectief in de gemeenschap waar we deel van uit maken. Veel mensen zien echter de relativiteit en de tijdelijkheid van deze orde niet. Of ze willen het liever niet zien, omdat het samenhangt met onze identiteit. Een bewegelijke beïnvloedbare identiteit kan ons angstig maken. Interessante afwijkingen op de orde en onze identiteit (hoe we over onszelf denken, ons karakter) worden gemaakt door eigenwijsheid, onverwachte mutaties, kruisbestuivingen, interdisciplinaire en interculturele invloeden, co creativiteit en coproductie, nieuwsgierigheid en conflicten.

Maar wat gebeurt er als een mens alle gedachten toelaat, zonder dat er een keus gemaakt wordt. Stel je voor, er worden regelmatig zogenaamde tegenstellingen aan je opgedrongen, maar je aanvaard en ervaart ze niet als zodanig. Want vaak (geef maar toe) zijn beide kanten van een situatie of zaak waar. Ze bestaan tegelijkertijd en kunnen evenveel waarde krijgen. Het zijn dus geen tegenstellingen, maar allebei voorstellingen van hetzelfde gegeven. Dit is het leven waarin de paradox toegelaten wordt. De tegenstellingen zijn maar schijnbaar, ze zijn verenigd in hetzelfde moment, werk, in dezelfde handeling, relatie of situatie.

Juist die vrije gedachten maakt ons creatief. Ons denken lijkt voor niets anders bedoeld om eerst orde aan te brengen om vervolgens de keerzijde van alles om ons heen en in onszelf te ontdekken.

Iedere keer kunnen we weer op zoek gaan naar een mogelijke andere werkelijkheid achter hetgeen we in eerste instantie waarnemen. In principe verhult iedere visie een deel van de werkelijkheid. Als we onze bestaanszekerheid funderen op hetgeen we denken, dan kan het leven met de paradox een angstig manier van leven worden. Maar als we iets meer fundament hebt ontwikkeld dan alleen onze gedachten dan is het een fantastisch avontuur.

Wat bedoel ik dan met meer fundament? Ik zou zeggen het leven zelf. Soms denk ik aan algemene humanistische waarde om het leven mogelijk te houden. Fysiek en mentaal. Zoals schone lucht, schoon water, schone aarde en vrijheid van denken, geen geweld. Maar eigenlijk kan ik dat fundament niet omschrijven. De waarheid heeft geen vaste vorm en woorden, iedere keer ontdek ik weer een nieuwe keerzijde, hoek of glanszijde van hetzelfde. De abstracte oorsprong heeft geen vorm en geen oordeel en toch is deze aanwezig.